Visolie Omega 3 vettzuren epa en DHA

Visolie De omega 3 vetzuren uit uit vis EPA (eicosapentaeenzuur) en DHA (docosahexaeenzuur) blijken uit een groeiend aantal verschillende soorten onderzoek bescherming te bieden tegen: · hoge bloeddruk, · hartritmestoornissen, · aandoeningen van de luchtwegen, · darm-, slokdarm-, maag- en alvleesklierkanker · de ziekte van Alzheimer, Vermoedelijk komt dit doordat de hedendaagse voeding anders te veel omega 6 vetzuren (linolzuur) en arachidonzuur bevat t.o.v. de W 3 vetzuren (alfalinoleenzuur, DHA en EPA) wat de onstekingsprocessen, de bloedstolling en de samenstelling van de celwanden kan verstoren. Met hoge doses EPA visolie kunnen o.a. de volgende aandoeningen worden verlicht: · Reumatische artritis. Toen in een dubbelblind onderzoek 10 capsules met 300mg omega 3 vetzuren per dag werd gegeven aan reumapatiënten verminderde zwelling, ochtendstijfheid en pijn. Sommigen konden na 18 weken blijvend van de diclofenac af. · Nierziekten. Bij patiënten met IgA nefropathie kon met visolie het verlies van de nierfunctie worden vertraagd. · De ziekte van Crohn. · De afgelopen jaren zijn opmerkelijke verbetering geboekt bij ernstige geestesziektes: schizofrenie en manische depressiviteit met hoge doses EPA visolie. Hiervoor zijn circa 2000mg omega-3 vetzuren per dag nodig. Verbetering is dan na 5 weken merkbaar. Er bestaan verschillende soorten en kwaliteiten EPA visoliecapsules met verschillende verhoudingen tussen het vetzuur EPA (eicosapentaeenzuur) en DHA (docosahexaeenzuur). Van het nut van EPA is meer bekend dan van DHA met name op het gebied van hart- en bloedvaten en voor emotionele stabiliteit.Ook lijken hoge doses EPA veiliger te zijn dan hoge doses van het meest onverzadigde vetzuur DHA. Wel bestaan er sterke aanwijzingen dat DHA een belangrijke voedingsstof is voor de hersenen van zuigelingen en van oude mensen. Het verdient aanbeveling om bij gebruik van visoliecapsules tevens vitamine E te gebruiken. Voor suikerpatiënten is dit een verplichting. Haring, makreel en zalm zijn goede voedingsbronnen van deze vetzuren. Studies over en met visolie: COPD en omega-3 vetzuren: Chronische bronchitis en longemfyseem worden tegenwoordig COPD (chronisch obstructieve longziekte) genoemd. COPD wordt gekenmerkt door chronische ontstekingen. Omdat van de omega-3 vetzuren uit vis bekend zijn dat ze ontstekingsremmende eigenschappen bezitten werd het volgende onderzoek uitgevoerd onder 64 COPD patiënten. Men diende elke dag een met omega-3 of omega-6 (linolzuur) vetzuren verrijkt drankje te nuttigen. Na twee jaar bleek dat degenen die de omega-3 vetzuren gekregen hadden er op vooruit gegaan waren. De ademhaling tijdens inspanning was verbeterd en het gehalte ontstekingsstoffen, zoals leukotrienes en interleukine-8 in het bloed en de spuug waren afgenomen. (Chest, 2005) Eerder onderzoek (zie hieronder) vond een sterk verband tussen het veel eten van vis, rijk aan omega-3 vetzuren, en het veel minder vaak voorkomen van chronische bronchitis en emfyseem onder rokers en ex-rokers. Omega-3 vetzuren en Alzheimer: Diverse onderzoeken hebben duidelijke verbanden gevonden tussen een hoge visconsumptie, rijk aan de omega-3 vetzuren EPA en DHA en een kleinere kans op dementie, met name de ziekte van Alzheimer: Het Rotterdamse ERGO-onderzoek bestudeerde de lichamelijke en geestelijke gezondheid en de vet- en visinname van 7176 55-plussers in 1990 en nog eens in 1993-1994. Hieruit bleek dat een hoge consumptie van -met name verzadigd- vet leidde tot een grotere kans op dementie in het algemeen en vasculaire dementie in het bijzonder. (Dementie is hier onderverdeeld in vasculaire oftewel aderverkalking en de ziekte van Alzheimer.) Het eten van vis verlaagde, volgens de onderzoekers, de kans op dementie met 60% en op de ziekte van Alzheimer met 70%.. (Voeding, 1998) Tot soortgelijke conclusies voor wat betreft de vetzuren uit vis kwamen ook Franse onderzoekers die de eetgewoonten van 1674 68-plussers uit Zuid-Frankrijk hadden bestudeerd. Na zeven jaar bleek dat de mensen die minstens 1 maal per week vis aten 34% minder risico hadden gelopen dement te worden dan zij die slechts af en toe vis aten. De omega-3 vetzuren die overvloedig in vis voorkomen worden hiervoor verantwoordelijk geacht. Men onderzocht ook een mogelijk verband tussen het eten van vlees en dementie. Men kon hier echter geen duidelijke lijn in ontdekken. De opvallendste bevinding was dat van degenen die nooit vlees aten binnen zeven jaar de helft dement was geworden. De groep was echter te klein om er conclusies aan te verbinden. (British Medical Journal, 2002) Een derde soortgelijk onderzoek kwam tot vergelijkbare conclusies: 60% minder kans op Alzheimer door regelmatige vis te eten. Het vetzuur docosahexaeenzuur (DHA) biedt, volgens dit onderzoek, meer bescherming dan eicosapentaeenzuur (EPA). (Archives of Neurology, 2003)

Diavoorstelling

Welkom bij Clubs!

Kijk gerust verder op deze club en doe mee.

Wat is dit?


Of maak zelf een Clubs account aan: